St.Willibrorduskerk Demen
In de 16e eeuw begon men het hart te zien als het centrum van de menselijke persoonlijkheid. Men ontdekte de rol van het hart in de bloedsomloop. Omstreek 1675 kreeg Margaretha-Maria Alacoque, een Francaise, verschillende visioenen over het Heilig Hart van Jezus Christus. Margaretha-Maria leed in haar kindsheid aan kinderverlamming en zou daarvan op onverklaarbare wijze zijn genezen. Zij zou in deze tijd reeds visioenen hebben gehad. Zij trad toe tot een kloosterorde. Sinds de intreding tot de kloosterorde namen haar visioenen in aantal en hevigheid toe, hetgeen leidde tot een vijandige houding van haar medezusters jegens haar. Niettemin wijdde Margaretha-Maria zich meer en meer aan contemplatie. Na haar visioen over het Heilig Hart kreeg zij meer erkenning. Aan het eind van de 19e en begin van de 20e eeuw kreeg de Heilig Hart-verering nieuwe impulsen. De opkomende industrialisering, de daarmee gepaard gaande verstedelijking en gedeeltelijke proletarisering van de samenleving dwong de Katholieke Kerk in een nieuwe rol. De overheid en samenleving waren seculier geworden, buiten het kerkgebouw was het geloof niet meer vanzelfsprekend aanwezig. Naast de ontwikkeling van de katholieke sociale leer zou de Heilig Hart-verering persoonlijke vroomheid met sociale actie in het teken van naastenliefde moeten stimuleren. Zo werden bijvoorbeeld in deze periode in de provincie Limburg meer dan honderd Heilig-Hart-beelden op pleinen en straten in woonwijken geplaatst. volgende : het onbevlekt hart van Mariavorige : bezoek van de drie wijzen |