St.Sebastianuskerk Herpen


de glazeniers

Een aantal ramen zijn ontworpen en gemaakt door het glasatelier Frans Nicolas in Roermond. Anderen door Max Weiss. Acher het orgel is nog een raam van Pierre van Rossum, die zes ramen maakte voor de kerk, waarvan er vijf later zijn verwijderd.

atelier Frans Nicolas

Omstreeks 1850 begon Frans Nicolas met glasschilderen. In 1855 stichtte hij in zijn geboorteplaats een atelier voor gebrandschilderd glas. Aanvankelijk voerde hij restauratie-opdrachten uit, vooral in Duitsland en België.

Door de samenwerking met de architect Pierre Cuypers, kreeg Nicolas veel opdrachten voor nieuwe kerkbeglazingen en het bedrijf groeide weldra uit tot het grootste in ons land.

Door de toegenomen vraag naar gebrandschilderd glas, kreeg het atelier spoedig een fabrieksmatige opzet, met een ver doorgevoerde arbeidsdeling. Het tekenen van het ontwerp, het vervaardigen van het karton, het glassnijden, het beschilderen, het branden en het in het lood zetten geschiedde door verschillende werklieden.

Aanvankelijk zijn de ontwerpen vooral van de hand van Frans Nicolas zelf, maar tegen het eind van de eeuw werden steeds meer - vaak buitenlandse - ontwerpers bij het atelier betrokken.

Ook de glasschilders die het werk uitvoerden, werkten in verschillende specialismen. De hoogste positie werd ingenomen door de vleesschilders (die alleen gezichten en handen schilderden), dan volgden de draperieschilders en tenslotte de ornamentschilders.

Het atelier voerde beglazingen uit in alle mogelijke stijlen, variërend van vroegromaans Engels tot laatgotisch Duits, renaissancistisch, barok, Nazareens en Preraphaëlitisch.

Het atelier is echter herkenbaar aan de samenstelling van het overvloedig kleurpalet dat in de negentiende eeuw veelal bestond uit goudgeel, grasgroen, turkoois blauw en rood, terwijl in de twintigste eeuw geleidelijk meer paarsen en grijzen werden toegepast. Over het algemeen staan de produkten van het atelier in technisch opzicht op hoog niveau. Al in 1863 gaf Frans Nicolas garanties voor de duurzaamheid van het bij hem uitgevoerde werk.

In 1880 werden de beide zonen van Frans: Charles en Frans jr. vennoot in het bedrijf, dat sindsdien de naam Nicolas en Zonen voerde. Vanaf die tijd zou Frans jr. zich richten op het ontwerpen, terwijl Charles de zakelijke leiding had.

Vanaf de jaren twintig vervaardigde Joep Nicolas regelmatig ontwerpen.

Max Weiss

Na het behalen van het glazeniersdiploma aan de Academie te München ging Weiss werken bij de Bayerische Hofkunst Anstalt. In 1929 kwam hij in contact met Joep Nicolas die was uitgenodigd om te komen werken bij deze Hofkunst Anstalt. Nicolas zag hier echter na een korte oriëntering van af en nodigde Weiss uit om in het atelier Nicolas te Roermond te komen werken.

Toen de chef d'atelier van het oude familiebedrijf Nicolas en Zonen, G. Mesterom, een eigen atelier begon, volgde Weiss hem op.

Toen Nicolas in 1939 naar Amerika emigreerde, verkocht hij het atelier aan Max Weiss.

De topjaren van het atelier lagen kwantitatief gezien tussen 1945 en 1957. In 1956 moest hij het kalmer aan gaan doen en na 1969 liet zijn gezondheid het niet meer toe opdrachten uit te voeren en werd het atelier gesloten.

Nadat Nicolas naar Amerika was verhuisd, ontwierp Weiss ook zelf. In zijn ramen blijkt duidelijk dat het werk van Nicolas een grote invloed op zijn stijl had. Weiss probeerde de vloeiende composities en krachtige lijnvoering te evenaren en maakte gebruik van hetzelfde felle, gewaagde kleurengamma. Ook gebruikte hij vooral in de eerste jaren veel grisaille, om het geheel minder doorschijnend te maken.

zette zich overigens af tegen de picturale ideeën van Nicolas bij wie het raam zo min mogelijk verbindingen met de architectuur diende aan te gaan, maar als zelfstandig 'schilderij' gedacht was.

Weiss was juist van mening, dat men in een donkere kerk de ramen moest aanpassen aan de omgeving, waarmee hij zich dus op een meer 'noordelijk' monumentaal standpunt stelde. Door grisaille te gebruiken zouden de ramen er niet 'uitspringen', maar opgaan in de muren.

Pierre van Rossum

Pierre van Rossum is geboren in Herpen op 15 september 1919 en overleden in 2003 in Ellicote City, Maryland, USA.

Na de lagere school in Herpen en Oss, ging hij naar het Canisiuscollege te Nijmegen en vervolgens naar de Kunstacademie te Arnhem.Na de voltooiing van zijn opleiding koos hij voor de richting Glaskunst en deed praktijk op bij de destijds bekende Limburgse School o.a. bij Joep Nicolas en firma Gebroeders den Rooijen. Later vestigde hij zich als zelfstandig glazenier in Kampen.

Aangezien hij veel opdrachten verkreeg uit Canada en USA, emigreerde hij in 1956 met zijn (grote) gezin naar Canada en later naar de USA. Daar was hij voornamelijk werkzaam als glazenier, maar maakte ook wandschilderingen, mozaïeken en grafiek.

In de oorlogstijd bedong zijn vader,Janus van Rossum, een overeenkomst met de toenmalige pastoor Verkuijl van Herpen, inhoudende dat zijn zoon zes nieuwe ramen voor de kerk van Herpen zou maken die door de vader werden betaald. De ramen werden gemaakt en vervolgens geïnstalleerd in de Herpense kerk, maar zijn inmiddels op een na verwijderd.